Welkom!

Veelgestelde draagvragen

 Wat is het verschil tussen een ergonomische en een niet-ergonomische draagzak?

Bij ergonomische draagzakken is volledig rekening gehouden met de anatomie van drager en kind. Ze hebben een brede zitting, die het kindje van knieholte tot knieholte ondersteunt en ze zijn stevig aan te spannen, zodat de draagzak voldoende steun biedt aan de rug en de nek van het kind.

De niet-ergonomische dragers, waaronder veel draagzakken (o.a. de BabyBjörn, de Lodger draagzakken etc.) zijn een snelle clip-en-klaar oplossing, maar bij langere stukjes dragen en/of een al wat zwaarder kindje voor drager en kind een stuk minder comfortabel. Degelijke dragers hebben meestal een smalle zitting, waardoor de beentjes van het kindje afhangen, met het gewicht op de heupjes. Daarnaast zijn de schouderbanden vaak erg smal, waardoor het gewicht voor de ouder niet comfortabel wordt verdeeld. 

Onder de niet-ergonomische dragers valt ook de zogenaamde bag-sling (zoals die van Lodger, of MiniMonkey): een soort hangmatje met een clip, dat je over één schouder draagt en waar je je baby inlegt. Deze zijn vaak niet goed af te stellen, zodat je kindje te weinig ondersteund wordt en volledig in de drager verdwijnt. Dit levert een zeer reëel verstikkingsgevaar op en Babybij raadt dergelijke draagzakken dan ook beslist af. Let op: verwar deze dragers niet met een ringsling. Een ringsling is absoluut veilig en aanbevelenswaardig!

 

Kan ik mijn baby ook met het gezichtje naar voren dragen? Hij is zo nieuwsgierig!

Met het gezichtje naar voren gedragen worden lijkt misschien leuk voor de baby, omdat hij/zij dan 'de wereld in kan kijken', maar het is beslist niet aan te raden. Niet alleen kan een kind zich op deze manier niet afsluiten voor prikkels, maar ook vanuit anatomisch oogpunt is het rug tegen buik dragen een afrader. De natuurlijke bolling van de rug wordt in een holling gedwongen, het gewicht van de baby komt volledig op zijn/haar heupjes terecht en de wervelkolom vangt de schokken van elke beweging op.
Als je kindje zo nieuwsgierig wordt dat hij/zij buikdragen niet meer leuk vindt (vaak pas na een maand of 6) kan je overschakelen op heupdragen of rugdragen. Dan wordt het blikveld van je kind een heel stuk groter en kan hij/zij heerlijk met je meekijken! 

Wil je toch graag je kindje zo nu en dan 'andersom' dragen? Kies dan voor een drager die het bekken van je kind wat kantelt, zodat er een zo ergonomisch mogelijke draaghouding is. De ERGObaby 360 en de Beco Gemini komen daar beide in tegemoet. Ook bij deze specifieke dragers geldt: je kindje met het gezichtje naar je toe dragen geniet de voorkeur. Draag kindjes onder de 4 maanden liefst niet met het gezicht van je af. En let op je kind: als je merkt dat hij of zij moe wordt of te veel prikkels krijgt draai je hem/haar het beste weer naar je toe.


Draag je een pasgeborene niet beter liggend?

Nee, juist niet. Je draagt je kindje het beste al vanaf het begin rechtop, om tegemoet te komen aan zijn of haar natuurlijke houding: een bol ruggetje en licht opgetrokken en licht gespreide knietjes. Vergelijk het maar met een hoofdletter M, waarbij de middenpunt van de M de bips van je baby is en de bovenkanten van de zijpoten van de M de knietjes van je baby.

Deze foto's van Je Porte Mon Bebe laten heel mooi de ideale draaghouding zien. Op de eerste twee foto's  zie je een jonge baby. De laatste twee foto's zijn van een kindje van ca. 4 maanden: vanaf dan spreiden de meeste baby's de beentjes wat verder: meer 'rond' de ouder.

natuurlijke houding jonge gedragen babynatuurlijke houding jonge gedragen baby

natuurlijke houding baby >4 mnd.natuurlijke houding baby >4 mnd.

Bron foto's: Je Porte Mon Bebe.com

Door je kind rechtop te dragen sluit je bovendien risico's uit. Zoals eenzijdige heupbelasting, die ontstaat als je je kindje voortdurend op dezelfde zij in je draagdoek laat liggen, wat veel ouders in de praktijk blijken te doen. Of, vele malen erger: verstikking door een kinnetje wat bij een liggend kindje op de borst kan komen, met alle vervelende gevolgen van dien. 

 

Vanaf wanneer mag ik mijn kindje dragen?

Vanaf de allereerste dag, als jullie allebei in orde zijn. Bouw het dragen voor jezelf wel langzaam op. Een bevalling of keizersnede is niet niks. Je laat je lijf het beste rustig aan het dragen wennen.
 

Welke maat draagdoek heb ik nodig?

Babybij heeft de meeste draagdoeken voorradig in maat 6. Afhankelijk van het merk is een maat 6 draagdoek 4,6 of 4.7 meter lang. Daarmee kan je tot kledingmaat 44/46 vrijwel alle knoopmethoden doen.
Ben je groter dan dat, dan heb je een langere draagdoek nodig, die kunnen we op verzoek op vrij korte termijn leveren.
Als je heel slank en/of klein bent kan je met een kortere draagdoek toe. Ook kortere draagdoeken zijn via Babybij leverbaar. Neem gerust contact met ons op als je specifieke wensen hebt.


Hoe lang mag mijn kindje in de draagdoek of draagzak?

Zo lang als je wil, al is het 24 uur per dag. Als je een draagdoek of ergonomische draagzak gebruikt benader je de natuurlijke houding van je kind zo goed dat niets jullie in de weg staat om langdurig te dragen. Als jullie het prettig vinden kan je kindje ook slapen in je draagdoek of draagzak. Zo ben je niet per se aan huis gekluisterd rondom de dutjes.


Wat trek ik mijn kindje aan?

Je moet een draagdoek of draagzak eigenlijk zien als een extra laagje kleding. Bovendien geven je baby en jij allebei ook nog lichaamswarmte aan elkaar af. Kleedt je kindje dus niet te warm aan als je hem of haar draagt.

Wat trek je je kindje aan in de draagdoek?

Rond het vriespunt: jasje aan + sjaal + half onder je jas
Boven de 5 graden: jasje aan + sjaal + muts op
Boven de 10 graden: dun jasje of vestje
Boven de 15 graden: normale kleertjes
Boven de 20 graden: luchtige kleertjes
Boven de 25 graden: alleen een rompertje
Boven de 30 graden: niet meer in de draagdoek

Bij het gebruik van een draagdoek is de ene draagwijze warmer dan de andere, omdat je bij de ene knoop (zoals een front- of backwrapcrosscarry) meerder laagjes stof over je kindje hebt en bij een andere knoop (zoals bijv. de rucksack of de kangarucarry) maar een. 

Houd je kindje met warm weer extra goed in de gaten. Zorg ervoor dat hij/zij is ingesmeerd en een hoedje/petje/bandana draagt tegen de directe zon. In de herfst en winter kan je je kindje half onder je eigen jas dragen, maar er is ook speciale kleding, zoals draagjassen en -covers, op de markt.